De bevoegdheden van de DG
Cultuur, sociale aangelegenheden, opleiding, tewerkstelling: dat zijn de belangrijkste bevoegdheden van de Duitstalige Gemeenschap.
Op al die gebieden mag de DG ook overeenkomsten sluiten met andere Gemeenschappen en andere Staten. Internationale betrekkingen zijn bijzonder belangrijk voor een kleine deelstaat in een grensstreek.
Culturele aangelegenheden
- de bescherming van de taal,
- de schone kunsten,
- het cultureel patrimonium en de musea,
- de artistieke vorming
- de media: radio-omroep en televisie alsmede bibliotheken en mediatheken,
- het jeugdbeleid en de permanente vorming,
- sport,
- vrijetijdsbesteding en culturele animatie,
- toerisme en sociaal toerisme,
- de sociale promotie,
- de beroepsomscholing en -bijscholing
- de bevordering van het wetenschappelijk onderzoek.
Persoonsgebonden aangelegenheden
- het familiebeleid
- sociale bijstand
- zorg en gezondheid
- steun en advies voor bepaalde personengroepen: jeugdbescherming, onthaal en integratie van inwijkelingen, het beleid inzake minder-validen, de post-penitentiaire sociale hulpverlening.
Onderwijs
De DG beheert kleuterscholen, lage scholen, instellingen van het secundair onderwijs, instellingen van het speciaal onderwijs, scholen voor beroepsopleiding en -kwalificatie alsmede een autonome hoge school.
Voor al die instellingen behoren onder meer de onderwijsinhoud, het taalgebruik, het leerlingenvervoer, de vakantieduur, de studietoelagen, de leraarwedden alsmede de schoolgebouwen tot het bevoegdheidsdomein van de DG.
Regionale bevoegdheden
De Belgische Grondwet bepaalt dat de DG op haar gebied bevoegdheden van het Waalse Gewest volledig of gedeeltelijk kan uitoefenen. Zo werden in onderlinge overeenstemming de landschaps- en monumentenzorg, archeoloie, tewerkstelling en het toezicht op en de financiering van de 9 gemeenten aan de DG overgedragen.